Warning: session_start() [function.session-start]: open(/kunden/homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/files/tmp/sess_11033d047ae02110a0bde4cbbdbad95a, O_RDWR) failed: Disk quota exceeded (122) in /homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/concrete/startup/session.php on line 32

Warning: session_start() [function.session-start]: Cannot send session cache limiter - headers already sent (output started at /homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/concrete/startup/session.php:32) in /homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/concrete/startup/session.php on line 32

Warning: Cannot modify header information - headers already sent by (output started at /homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/concrete/startup/session.php:32) in /homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/concrete/libraries/view.php on line 843
Traditional Maritime Skills :: Zeilen naaien

Zeilen naaien

Introductie

Voor het nagebouwde linieschip 'De Delft' is een grote hoeveelheid zeilen nodig. Eén van de ruimtes op het werfterrein is ingericht als zeilmakerij: er is een grote vlakke houten vloer en er staat een grote vlakke tafel.

De zeilen van 'De Delft' worden op de traditionele manier met de hand gemaakt, gesneden en genaaid. Maar het ontwerp van de zeilen gebeurt met een computerprogramma. De zeilmaker (of het computerprogramma) berekent ook de juiste bolling van het zeil. Je krijgt een bolling in het zeil door plaatselijk smallere banen te gebruiken. Het verkrijgen van de juiste bolling vereist ervaring en vakmanschap; zie de literatuurlijst voor meer informatie.

Voor het tuigplan van 'De Delft' is niet gekozen voor traditionele materialen als vlas, linnen, katoen, manilla en hennep, maar voor kunststof. Het materiaal van de zeilen is dacron. Ook het touw en zeilgaren zijn van kunststof. De reden hiervoor is dat kunststof zeilen, touw en garen langer meegaan en minder onderhoud behoeven dan natuurlijke materialen.

Materialen en gereedschappen

Voor het maken van zeilen is een ruimte met een vlakke vloer en een grote vlakke tafel nodig. Het zeildoek waarvan zeilen gemaakt worden wordt aangeleverd op een rol of in banen van ongeveer 60 cm breed. Deze banen worden op de grond of op tafel uitgelegd, afgetekend en op maat gesneden. Bij het aftekenen gebruikt de zeilmaker een meetlint, tekenhaak en potlood. Het zeildoek wordt afgesneden met een scherp mes.

Een handig hulpmiddel voor de zeilmaker is een zeilmakersbankje. Het bankje is natuurlijk bedoeld om op te zitten werken, maar tegelijkertijd is het handgereedschap op een handige manier erin opgeborgen, zodat alles bij de hand is. Op het zeilmakersbankje zit een zeilhans, een houten stokje met een spantouwtje eraan en een klein haakje met een scherpe punt; dit haakje is bedoeld om het werkstuk tijdens het naaien strak te kunnen trekken, wat het naaien vergemakkelijkt. In het zeilmakersbankje zit een vakje, waar de bol zeilgaren in gelegd wordt, zodat het garen niet wegrolt en in de knoop raakt.

Het handgereedschap dat een zeilmaker gebruikt is verder:

  • Zeilnaald: een stevige naald met een scherpe driekante punt.
  • Zeilmakersdraad: stevig draad waarmee de zeilen, lijken en grommers worden vastgenaaid.
  • Zeilplaat: een leren band met een metalen dop erop met een kuil erin, die gebruikt wordt om de naald met kracht door het zeildoek heen te duwen. De band gesp je om je handpalm.
  • Priem, om bij zwaar zeildoek of meer lagen doek gaatjes voor te prikken, voordat je de zeilnaald erin steekt.
  • Tang, om de ingestoken naald door zware zeildoek of meer lagen doek erdoorheen te trekken.
  • Robber: een houten handvat met een stevige 'krabber', gemaakt van sterk pokhout (tropische houtsoort), om scherpe vouwen in de zomen van het zeildoek te trekken.
  • Fit: een kegelvormig stuk pokhout, om touw te splitsen of om gaten in het zeildoek verder op te rekken. Je steekt de fit tussen de strengen van een touw om zo ruimte te maken, waar een ander stuk touw doorheen gestoken kan worden. Of je steekt de fit in een gat in het zeildoek en ruimt deze verder op, zodat het gat groter wordt.
  • Splitshoorn (ook wel marlpriem genoemd): een houten handvat met een hol in een punt uitlopend stuk metaal in de vorm van een priem, bedoeld om splitsen te maken in geslagen touw. Je steekt de fit tussen de strengen van een touw, legt de streng in het holle deel van de priem en geleidt deze door het gat in het touw.
  • Holpijp: een metalen pen met een rond gat aan één zijde met een scherpe rand en een plat vlak aan de andere kant om met een hamer op te kunnen slaan. Holpijpen bestaan in diverse afmetingen en diameters om kleine en grotere gaten te kunnen maken.

Werkwijze

Het zeildoek wordt in lange banen of op de rol geleverd. Met behulp van een tekening van het zeil worden de banen op de juiste lengte gemaakt en wordt de gewenste bolling erin gebracht. Het liefst teken je de omtrek van het zeil op de grond of op de tafel uit en leg je de rol of de banen erop om af te tekenen. De banen worden daarna eerst aan elkaar genaaid tot het zeil in grote lijnen klaar is. Daarna volgen allerlei afwerkingen, afhankelijk van de vorm, de locatie  en de functie van het zeil. De buitenste rand van het zeil wordt omgeslagen tot een zoom, die wordt versterkt door er touw aan vast te naaien, dat een 'lijk' wordt genoemd. Daaraan worden met touw lussen gemaakt, waarmee je het zeil kunt bedienen. In het zeil worden versterkte gaten gemaakt, om het aan de ra vast te kunnen maken en het zeil te kunnen reven (het zeil een stuk omhoog binden om het zeiloppervlak kleiner maken bij harde wind).

Het naaien van een zeil stap voor stap:

  • Als de banen van het zeil zijn gemeten, afgetekend en op maat gesneden, worden de banen aan elkaar genaaid met een platte naad. Je legt daartoe twee banen een stukje over elkaar heen met een overlap van bijvoorbeeld 3 cm. Voordat je de hele naad vastnaait zet je de naad eerst om de 50 cm met een klein steekje vast. Tegenwoordig wordt hiervoor ook wel dubbelzijdig plakband gebruikt.

  • Voor het naaien van de naden gebruik je de rechte steek: je steekt van A naar B en herhaalt dit voortdurend. Ben je rechtshandig, dan werk je van rechts naar links; ben je linkshandig, dan ga je van links naar rechts. Je zit op het zeilbankje met de banen voor je op tafel. Je pakt een flink stuk draad, maakt een knoopje in het uiteinde van de draad en steekt het andere eind door de naald. Je houdt de naad plat voor je. Je werkt van dun naar dik,  dat wil zeggen: je steekt de naald in de enkele laag zeildoek naar beneden en steekt hem richting het dubbele stuk van de naad. Je steekt hem diagonaal op de naad ongeveer 5 mm verder in de naad weer omhoog, door twee lagen zeildoek heen. De tweede steek komt ongeveer 1 cm verder (vuistregel: 7 steken op de lengte van de zeilnaald). Let erop dat de volgende steken steeds even groot en even ver van elkaar gemaakt worden, zodat je een regelmatig patroon krijgt.

  • Als je de naad aan de ene kant helemaal met een platte steek hebt vastgenaaid, draai je het zeil en naai je dezelfde naad ook aan de andere zijde vast, eveneens met een platte steek.

  • Naai op deze wijze alle banen aan beide zijden van de naad met een platte naad en rechte steek aan elkaar vast, zodat je de grondvorm van het zeil klaar hebt.

  • De vier hoeken van de zeilen worden versterkt, door er extra zeildoek op te naaien, zodat er meer lagen ontstaan, tot wel 5 of 6 lagen zeildoek dik. Deze lagen worden weer met zeilmakersdraad op het zeil vastgenaaid.

  • Als de grondvorm van het zeil klaar is en de hoeken zijn versterkt, maak je rondom een zoom van enkele centimeters. Je doet dit door het zeil plat op de tafel of vloer te leggen. Dan vouw je de rand van het zeil een centimeter of 4 om en maakt een vouw. Deze vouw druk je stevig aan met de houten robber. Je doet dat door de robber net als een verfkrabber enkele keren met kracht over de vouw te trekken, zodat de vouw plat op het zeildoek blijft liggen.

  • Als de zoom rondom is gevouwen en is aangedrukt, naai je de hele zoom met een platte steek vast. Hiervoor ga je op het zeilmakersbankje zitten en gebruik je de zeilhans om met het kleine scherpe haakje en het eindje touw aan het stokje het werkstuk strak te trekken tijdens het naaien van de zoom.

  • Voor het naaien gebruik je de zeilnaald en de zeilplaat om de naald door het zeildoek te duwen. Gebruik de tang om de naald door het doek te trekken. Op de plekken waar het zeil meer dan twee lagen dik is, gebruik je de priem om gaten voor te prikken, waar je de naald doorheen kunt steken. Meer lagen zeildoek bovenop elkaar zijn zo stevig, dat je de zeilnaald er niet met de hand doorgeduwd zult krijgen.

  • De hele omtrek van het zeil wordt daarna verstevigd door er stevig touw aan vast te naaien; dit worden de 'lijken' genoemd. Voor grote zeilen gebruik je dikker touw, voor kleine zeilen dunner. Je naait het touw aan één zijde van het zeil vast, op de zoom van het zeil, ongeveer een centimeter van de rand. Je doet dat door lussen te naaien om één streng van het touw. De draad loopt met de richting van de streng mee. Een stukje verder naai je de volgende streng vast, enzovoort.

  • Voordat je de lijken vastnaait, maak je eerst de leuvers. Dit zijn lussen en handvatten van touw voor de schoten, waar touwen doorheen geleid worden waarmee je het zeil kunt bedienen. Voor het maken van leuvers gebruik je knooptechnieken, die in een andere vaardigheid worden beschreven. Je knoopt de  leuvers op de juiste plekken aan de lijken, voordat je deze vastnaait op de zeilen. Nota bene: elk zeil heeft een andere maat en functie, waardoor ook de leuvers om andere plaatsen komen te zitten. Dit is afhankelijk van de functie en het ontwerp van het zeil. 

  • In de bovenzoom van het zeil maak je een reeks van kleine gaten, motgaatjes genoemd, waarin de touwen worden geslagen om het zeil aan de ra te bevestigen. Het maken van deze motgaten doe je als volgt. Je slaat met behulp van een holpijp en een hamer op de gewenste plekken ronde gaten van de benodigde grootte in het zeildoek. Je kunt met een schaar of mesje de gaten kruisgewijs nog iets verder inknippen.

  • Dan maak je grommers met behulp van touw. Je doet dat door de drie strengen van een eindje touw met drie strengen van ongeveer een halve meter los te wikkelen. Zorg dat de uiteinden niet los gaan rafelen. Je doet dat bij kunststof touw door het touw met een soldeerbout door midden te branden, waardoor de uiteinden van de strengen smelten en aan elkaar kleven. Voor het verkleven van de uiteinden kun je ook een kleine brander of aansteker gebruiken. Bij gebruik van andersoortig touw dat niet smelt draai je om elk uiteinde van de streng een stukje behangtape. Nu pak je één streng en maakt daarin in het midden een lus van ongeveer 5 centimeter doorsnee. Zorg dat de beide uiteinden even lang zijn. Nu pak je één uiteinde, dat je met de richting van het uiteinde mee om de lus begint te draaien. Je steekt het uiteinde door de lus en zorgt dat de streng netjes in de uitsparingen van de lus vallen. Je gaat door tot je een hele cirkel hebt gemaakt. Nu pak je het andere uiteinde en eveneens in de richting van dat uiteinde om de lus draait. Steek het uiteinde door de lus en zorg dat de streng netjes in de uitsparingen valt. Ga door tot je een hele cirkel hebt gemaakt. Nu ziet de lus eruit alsof het een cirkel is die van dezelfde dikte touw is gemaakt als waarvan je de drie strengen hebt gebruikt. De uiteindjes van de twee strengen kun je bij kunststof touw met een soldeerbout afbranden. Bij ander soort touw halveer je de dikte van de streng door de helft van de streng door te knippen. Het overgebleven stukje steek je weg in de lus, waardoor deze iets dikker wordt.   

  • Op elk motgaatje leg je een grommer. Deze zet je met vier kleine steekjes vast, zodat het gaatje precies in het midden van de grommer uitkomt. Vervolgens naai je de grommer rondom het motgaatje met zeildraad vast. Dit doe je door steeds lussen te naaien over de grommer en door het zeildoek heen, totdat je een hele cirkel hebt gemaakt.

  • Afhankelijk van het type zeil worden in de breedte van het zeil nog banden zeildoek op het zeil genaaid om reeflijnen aan vast te maken. In deze banden sla je met de holpijp en de hamer op de gewenste plekken motgaatjes van de benodigde grootte. Op deze motgaatjes naai je eveneens grommers vast, die je gemaakt hebt van touw. Door deze motgaatjes steek je korte stukken touw om het zeil te reven (kleiner te maken bij veel wind). Je legt aan beide zijden van het motgaatje een knoop in het eindje touw, om te zorgen dat het stuk touw op zijn plek blijft zitten.
 
Kies Taal...

Benodigd Gereedschap

See 'Materialen en Gereedschappen' in main text

Benodigde Materialen

See 'Materialen en Gereedschappen' in main text


Warning: Unknown: open(/kunden/homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/files/tmp/sess_11033d047ae02110a0bde4cbbdbad95a, O_RDWR) failed: Disk quota exceeded (122) in Unknown on line 0

Warning: Unknown: Failed to write session data (files). Please verify that the current setting of session.save_path is correct (/kunden/homepages/8/d136075442/htdocs/tms_wordpress11/learn-skills/files/tmp) in Unknown on line 0